Informatie

Nieuwsgierig naar het 'hoe', 'wat' en 'waarom' in een kleuterklas? Misschien kunnen deze artikels uw nieuwsgierigheid bevredigen...
Of het doen en laten in een kleuterklas verduidelijken.

 

Ontwikkelingskansen bieden…

We richten ons op alle aspecten van de persoon, zodat het kind kan uitgroeien tot een rijke persoon.  Kleuters komen vooral tot ontwikkeling vanuit een globale aanpak.  Dit kunnen we realiseren door te werken met belangstellingscentra.  Ook hebben we voldoende aandacht voor aansluiting bij het eigen ontwikkelingsniveau van elk kind.  Dat kan alleen door te zorgen voor voldoende verscheidenheid en gradatie.

schema_veelzijdigheid

Een kind ontwikkelt op verschillende vlakken tegelijk.  In de totale persoon van een kind kunnen we verschillende ontwikkelingsdomeinen onderscheiden.  Een ontwikkelingsdomein is een deelgebied in de persoon van het kind, waarvan we de ontwikkeling willen stimuleren dor het scheppen van rijke ervaringskansen.

De ontwikkelingsdomeinen kunnen we onderscheiden, maar ze zijn in de praktijk niet strikt te scheiden.  Vandaar de stippellijnen in het schema.
Omdat die tien ontwikkelingsdomeinen niet strikt te scheiden zijn, overlappen ze elkaar gedeeltelijk.
Als een kleuter bijvoorbeeld in staat is om een kopvoeter te tekenen, betekent dit misschien dat zijn ruimtelijk inzicht en voorstellingsvermogen een stap vooruit gezet hebben (denkontwikkeling).  Misschien is ook zijn kleinmotorisch bewegingsvermogen verbeterd, waardoor hij de krabbels die hij vroeger tekende, stilaan duidelijker vorm kan geven (motorische ontwikkeling).  Of is hij stilaan beter in staat zijn ervaringen creatief vorm te geven met beelden en materialen (muzische ontwikkeling)?

In het centrum van het schema bevindt zich een kern van waaruit het kind zich kan ontwikkelen.  Die kern noemen we de ‘positieve ingesteldheid’.  Die bevat drie basisvoorwaarden die minimaal moeten aanwezig zijn om tot ontwikkeling te kunnen komen : een goed gevoel hebben van zichzelf, van de anderen en van de wereld rondom zich.
Dit zijn fundamentele voorwaarden om tot ontwikkeling te kunnen komen.

In de buitenste laag situeren we specifieke kennis en vaardigheden.  Het zijn de concrete competenties die we bij kleuters vrij makkelijk kunnen observeren en controleren.

In het middelste gedeelte bevinden zich de achterliggende basiskwaliteiten (inzichten, vaardigheden en attitudes) die we op het spoor komen door het gedrag van kinderen te observeren.

(naar ‘Info-avond voor de ouders’ – Sint-Lodewijkscollege – De Wimpel)
COPYRIGHT 2016 © JUF VEERLE
DESIGNED BY MARKITA.BE